Afdrukken

Technische controle langs de weg

Gepubliceerd op . Sectie Recente wijzigingen

Op 06 september 2006 verschenen in het Belgisch Staatsblad :

  1. Het koninklijk besluit van 1 september 2006 houdende invoering van de technische controle langs de weg van bedrijfsvoertuigen die ingeschreven zijn in België of in het buitenland.
  2. Het koninklijk besluit van 1 september 2006 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake de technische eisen waaraan elk voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het veiligheidstoebehoren moeten voldoen.

Door deze koninklijke besluiten worden de technische controles langs de weg van bepaalde voertuigen mogelijk gemaakt en worden de tarieven van de onmiddellijke inningen bij het vaststellen van bepaalde overtredingen bepaald.

Beide koninklijke besluiten treden in werking op 8 september 2006.

1. Technische controles langs de weg

1.1. Bevoegdheden

Ingevolge het koninklijk besluit kunnen:

  • de controlebeambten, belast met een mandaat van gerechtelijke politie en behorende tot de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer
  • de personeelsleden van het operationeel kader van de federale en lokale politie

overgaan tot het uitvoeren van technische controles langs de weg van bedrijfsvoertuigen die in België of in het buitenland zijn ingeschreven.

1.2. Voertuigen die aan een controle onderworpen kunnen worden

De technische controles langs de hebben betrekking op:

  • de voor het vervoer van passagiers ontworpen en gebouwde motorvoertuigen met meer dan acht zitplaatsen, die van de bestuurder niet meegerekend;
  • de voor het vervoer van goederen bestemde motorvoertuigen met een maximale toegelaten massa van meer dan 3,5 ton;
  • de aanhangwagens, met inbegrip van opleggers, met een maximale massa van meer dan 3,5 ton.

Zij worden uitgevoerd zonder discriminatie op grond van de nationaliteit van de bestuurder of van het land waar het bedrijfsvoertuig is ingeschreven of in het verkeer is gebracht en rekening houdend met de noodzaak om de kosten en de vertraging van de bestuurders en de ondernemingen tot een minimum te beperken.

1.3. Te controleren punten

De technische controle langs de weg bestaat uit de controle van één of meerdere van volgende punten:

a) Remsysteem en haar onderdelen

b) Uitlaatsystemen

c) Opaciteit (diesel)

d) Gasemissies benzine, aardgas of vloeibaar petroleumgas (LPG)

e) Stuurinrichting

f) Lampen, verlichting en lichtsignaalinrichtingen

g) Wielen/banden

h) Ophanging (zichtbare gebreken)

i) Chassis (zichtbare gebreken)

j) Tachograaf (installatie)

k) Snelheidsbegrenzer (installatie)

l) Sporen van brandstof- en/of olielekkage

1.4. Rapport van technische controle langs de weg

De controleur die de inspectie heeft uitgevoerd of op wiens vraag de controle werd uitgevoerd stelt een rapport van technische controle langs de weg, verder controlerapport  genoemd, op.

Een exemplaar van het ingevulde controlerapport wordt aan de bestuurder overhandigd.

1.5. Elementen van de controle

De technische controle bestaat uit één of meerdere van de volgende elementen:

  • de visuele inspectie van de staat van onderhoud van het bedrijfsvoertuig in stilstand;
  • de controle:
  • hetzij van het controlerapport, opgesteld in de loop van de drie voorafgaande maanden;
  • hetzij van de documenten waaruit overeenstemming blijkt met de technische voorschriften welke op het voertuig van toepassing zijn (bewijs van technische controle volgens de wetgeving van het land van herkomst);
  • de inspectie om onderhoudsgebreken op te sporen. (punten hierboven opgesomd).

1.6. Verloop van de keuring

Vooraleer de controleurs hierboven vermelde punten controleren, nemen zij het laatste document waaruit blijkt dat het voertuig de verplichte technische controle (in België of in het buitenland) heeft ondergaan, en/of een recent rapport, controlerapport of enig ander door een erkende instelling afgegeven veiligheidsdocument die (dat) eventueel door de bestuurder word(t)(en) voorgelegd, in overweging.

Wanneer er blijkens deze documenten in de loop van de laatste drie maanden reeds een inspectie is verricht over een van de punten vermeld op het controlerapport, wordt dit punt niet opnieuw gecontroleerd, tenzij een nieuwe controle gerechtvaardigd is, met name wanneer visueel een of meerdere gebreken worden vastgesteld of de algemene staat van het voertuig doet vermoeden dat het voertuig niet voldoet aan de voorschriften welke op het voertuig van toepassing zijn.

Indien geen enkel van de hierboven bedoelde documenten worden kan worden voorgelegd, dan wordt in elk geval de inspectie van de punten vermeld op het controlerapport uitgevoerd.

1.7. Nader onderzoek

Indien de controleurs van mening zijn dat het onderhoudsgebrek van het bedrijfsvoertuig een veiligheidsrisico kan inhouden, met name wat het remsysteem betreft, en nader onderzoek rechtvaardigt, kan het bedrijfsvoertuig aan een nadere controle worden onderworpen in een nabijgelegen erkend keuringstation.

Indien bij deze controle duidelijk wordt dat het voertuig gebreken vertoont die een ernstig risico inhouden voor de inzittenden of andere weggebruikers, kan het gebruik van dit voertuig, op initiatief van de controleur, eventueel door inhouding van de boorddocumenten, met inbegrip van de eventueel vereiste vervoersvergunningen, tijdelijk worden opgeschort. Aan deze opschorting komt een einde wanneer de controleur vaststelt dat aan het hiervoor bedoelde risico werd verholpen.

1.8. Internationale uitwisseling van gegevens

Ernstige gebreken aan bedrijfsvoertuigen met een buitenlandse kentekenplaat, inzonderheid die welke tot opschorting van gebruik hebben geleid, worden door het Directoraat-generaal Vervoer te Land van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer gemeld aan de bevoegde instantie van de lidstaat waar het bedrijfsvoertuig is ingeschreven of in het verkeer is gebracht, aan de hand van het controlerapport.

Indien een bevoegde buitenlandse instantie of controleur van een andere lidstaat van mening is dat het aan een in België ingeschreven bedrijfsvoertuig vastgestelde onderhoudsgebrek een ernstig veiligheidsrisico inhoudt en dringend nader onderzoek rechtvaardigt, kan het bedrijfsvoertuig in België aan een technische keuring worden onderworpen. Behoudens hetgeen hierna is bepaald, gelden voor deze keuring dezelfde als voor de niet-periodieke keuringen. Het niet aanbieden van het voertuig binnen de gestelde termijn heeft tot gevolg dat het voertuig niet langer gedekt is door een geldig keuringsbewijs.

Het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer evalueert elk verzoek dat hem door een buitenlandse instantie wordt overgezonden en maakt dit verzoek indien nodig over aan een erkende instelling om de technische controle uit te voeren.

Wanneer het verzoek aan een  erkende instelling wordt overgemaakt, roept het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer de titularis van het voertuig op, per aangetekende brief, om binnen de vijftien dagen, te rekenen vanaf de ontvangst van deze brief, een volledige keuring van het voertuig te laten uitvoeren. De instelling deelt het resultaat van deze keuring mee aan het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer.

Het Directoraat-generaal Mobiliteit en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer stelt de bevoegde instantie van de lidstaat die de gebreken heeft vastgesteld in kennis van de genomen maatregelen.

2. Onmiddellijke inningen

2.1. Algemeen

Overtredingen die vastgesteld worden tijdens de technische controles langs de weg, komen in aanmerking voor een onmiddellijke inning.

Teneinde de afhandeling door middel van onmiddellijke inningen toe te laten, werd ingevolge de wet van 15 mei 2006 (B.S. 08-06-2006) een nieuw artikel 4bis toegevoegd aan de wet van 21 juni 1985 betreffende de technische eisen waaraan elk voertuig voor vervoer te land, de onderdelen ervan, evenals het veiligheidstoebehoren moeten voldoen.

2.2. Bevoegde personen

Voor het toepassen van de procedure ‘onmiddellijke inningen’, kunnen enkel

  • de controlebeambten belast met een mandaat van gerechtelijke politie en behorende tot de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer
  • de personeelsleden van het operationeel kader van de federale en lokale politie

door de procureur-generaal bij het Hof van Beroep worden gemachtigd.  Dit houdt in dat er een nieuwe machtiging dient bekomen te worden alvorens de controleambtenaar een onmiddellijke inning kan voorstellen op het gebied van de technische controle langs de weg.

2.3. Bedragen

Zie samenvattende tabel

2.4. Nieuwe formulieren

Vanaf 08 september 2006 zijn er een nieuwe formulieren ‘onmiddellijke inning’ die in die samengevoegd zijn in genummerde boekjes.  Deze formulieren dienen ook gebruikt te worden voor het vaststellen van andere overtredingen die in aanmerking komen voor een onmiddellijke inning (bv. ADR, wegvervoer, wegcode) en die afgehandeld worden met voornoemde formulieren.

Het nieuwe model van deze formulieren kan u hier terugvinden.

2.5. Procedure – betalingswijze – …

De bepalingen inzake de betalingswijze, bestemming van de stroken,… die momenteel van toepassing zijn op de bestaande onmiddellijke inningen, worden intergaal overgenomen.

3. Bijlage

Rapport van technische controle langs de weg

Terug naar overzicht