Uitzonderingen op de verplichte voertuiginschrijving aangepast

op . Gepost in Recente wijzigingen

Personen die ingeschreven zijn in de bevolkingsregisters van een Belgische gemeente en rechtspersonen die ingeschreven zijn in de Belgische Kruispuntbank van Ondernemingen evenals rechtspersonen die over een vaste verblijfplaats beschikken in België, moeten hun voertuigen inschrijven in het repertorium van de voertuigen, beheerd door de FOD Mobiliteit en Vervoer.

Artikel 3.§2 van het KB van 20 juli 2001 “betreffende de inschrijving van voertuigen”, voorziet een aantal uitzonderingen op deze inschrijvingsverplichting.

Vanaf 1 oktober 2014 worden deze uitzonderingen enigszins aangepast.

De uitzondering die reeds gold voor natuurlijke personen die als werknemer voor hun beroep een voertuig ter beschikking krijgen van hun buitenlandse werkgever, wordt uitgebreid tot alle opdrachthouders die zo’n voertuig ter beschikking krijgen van hun buitenlandse opdrachtgever. Daarbij moet er geen BTW-attest meer in het voertuig aanwezig zijn en de Minister van Financiën bepaalt niet langer de gebruiksvoorwaarden voor dit voertuig.

Voor tijdelijk afwezige personen geldt geen inschrijvingsverplichting. En de federale politiemensen die langer dan een jaar in het buitenland verblijven voor een opdracht, worden vanaf nu ook beschouwd als tijdelijk afwezigen.

Een voertuig dat door een buitenlandse titularis gratis ter beschikking gesteld wordt aan een persoon die in België verblijft , hoeft vanaf nu evenmin ingeschreven te worden.

De inschrijvingsvrijstelling geldt nu ook voor een voertuig dat gebruikt wordt door een student die in het buitenland verblijft, maar die in België verblijft om te studeren in een Belgische onderwijsinstelling.

Inwerkingtreding: 1 oktober 2014

Bron: KB van 18 juni 2014 tot wijziging van het KB van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen (BS 05/09/2014)

De onmiddellijke inning wordt geoptimaliseerd

op . Gepost in Recente wijzigingen

Een nieuw KB van 19 april 2014 “betreffende  de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van overtredingen inzake het wegverkeer” vervangt vanaf 30 april 2014 de vroegere regelgeving die vervat zat in het KB van 10 juni 1985 en in het KB van 22 december 2003.
Bij wijzigingsKB van 25 juni 2014 volgt een bijsturing zodat vanaf 1 juli 2014 de meeste alcoholovertredingen kunnen afgehandeld worden met een onmiddellijke inning, en dit naast de bestaande mogelijkheden van minnelijke schikking en eventuele dagvaarding voor de rechtbank.

Kleine aanpassingen aan het voertuigtechnische reglement in verband met de periodieke en niet-periodieke keuringen

op . Gepost in Recente wijzigingen

Het aanpassingsKB van 4 april 2014 bepaalt volgende wijzigingen:

  • In verband met de niet-periodieke keuring van voertuigen na zware beschadiging, moeten elke bevoegde persoon en elke auto-expert dit melden bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Infrastructuur. Hiermee krijgt de auto-expert een rol die voordien toebedeeld was aan de verzekeraar die het deskundig onderzoek heeft bevolen.
  • Wanneer een voertuig van titularis verandert, dan mocht dit voertuig ter keuring aangeboden worden met zijn laatst afgeleverde kentekenbewijs of met een commerciële plaat. Voortaan mag dit voertuig ook aangeboden worden met een andere kentekenplaat, op voorwaarde dat de houder ervan ook als houder vermeld wordt op de aanvraag voor de nieuwe kentekenplaat en het bijbehorende inschrijvingsbewijs. Bij de kentekenplaat hoort ook steeds het kentekenbewijs of inschrijvingsbewijs.
  • De andere wijzigingen hebben betrekking op het herordenen van nummeringen en op het aanpassen van enkele termen.

Het aanpassingsKB van 19 maart 2014 maakt een periodieke keuring verplicht voor landbouw- en bosbouwtrekkers die gebruikt worden buiten het kader waarvoor zij werden ontworpen.