Hoofdstuk VI. Het internationale rijbewijs (art. 53-56)

op . Gepost in Koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs

23 MAART 1998. - Koninklijk besluit betreffende het rijbewijs.
(B.S. 30.04.1998)

Titel III. Het rijbewijs

Hoofdstuk VI. Het internationale rijbewijs

Artikel 53

Het internationale rijbewijs komt overeen met het model voorkomend in bijlage 7 van het Verdrag inzake het wegverkeer, en Bijlagen, opgemaakt te Wenen op 8 november 1968.

Het internationale rijbewijs wordt uitgereikt door de overheid bedoeld in artikel 7 tegen afgifte van een aanvraag om een internationaal rijbewijs, waarvan het model door de Minister is bepaald.

Artikel 54

Het internationale rijbewijs wordt uitgereikt aan de aanvrager die voldoet aan de volgende voorwaarden :

beantwoorden aan de in artikel 3, § 1, bepaalde voorwaarden, behalve als hij ofwel personeelslid van de NAVO of de SHAPE is ofwel ingeschreven is in de bevolkingsregisters van een Belgische consulaire post in een Staat die geen lid van de Europese Economische Ruimte is en houder is van een geldige identiteitskaart, bedoeld in het koninklijk besluit van 23 januari 2003 aangaande de consulaire bevolkingsregisters en identiteitskaarten.

houder zijn van een Belgisch of Europees of buitenlands rijbewijs bedoeld in artikel 23 §2.1° van de wet;

niet vervallen zijn van het recht om voertuigen te besturen van de categorie waarvoor het rijbewijs wordt aangevraagd en, in voorkomend geval, geslaagd zijn voor de krachtens artikel 38 van de wet opgelegde onderzoeken;

de leeftijd bereikt hebben die voorgeschreven is in artikel 18.

Artikel 55

De overheid die het internationale rijbewijs uitreikt, maakt het geldig voor de categorieën waarvoor het rijbewijs bedoeld in artikel 54, 2° geldig is.

Indien het nationale rijbewijs slechts geldig is voor het besturen van sommige voertuigen van een bepaalde categorie, wordt het internationale rijbewijs geldig gemaakt voor de overeenstemmende categorie en draagt het een beperkende vermelding.

De geldigheidsduur van het internationale rijbewijs kan niet langer zijn dan de geldigheidsduur van het in artikel 54, 2° bedoelde rijbewijs en is beperkt tot maximum drie jaar.

Artikel 56

In de in artikel 50 §1 bedoelde gevallen, wordt een nieuw internationaal rijbewijs uitgereikt op vertoon van een aanvraag om een internationaal rijbewijs, vergezeld van de documenten bedoeld in artikel 50 §2. 1° of 3°. De bepalingen van de artikelen 54 en 55 zijn van toepassing.

Bij het verstrijken van de geldigheid van het internationale rijbewijs wordt een nieuw document uitgereikt overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 53, 54 en 55.