Koninklijk besluit van 6 november 2010 betreffende de vaststelling van de vergoedingen verbonden aan de inschrijving van voertuigen

B.S. 12.11.2010

Artikel 1

Voor de volgende administratieve bewerkingen worden de respectievelijke vergoedingen geheven ten laste van de aanvrager :

1° voor het reserveren van een gepersonaliseerd opschrift bedoeld in artikel 23 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen : 2.000 EUR;

2° voor elke uitreiking van een kentekenplaat of een duplicaat van een kentekenplaat, met uitzondering van de tijdelijke kentekenplaten van korte duur, eventueel vergezeld van een kentekenbewijs of een deel ervan : 30 EUR;

3° voor elke uitreiking van een tijdelijke kentekenplaat van korte duur of een duplicaat van een tijdelijke kentekenplaat van korte duur, eventueel vergezeld van een kentekenbewijs of een deel ervan : 75 EUR;

Artikel 1, 3° treedt werking op 1 mei 2016.

4° voor elke uitreiking van enkel een kentekenbewijs of een deel ervan of een duplicaat van een kentekenbewijs of een deel ervan : 26 EUR;

5° voor een inschrijving "proefritten" of "handelaar" bedoeld in artikel 2, tweede lid van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 tot regeling van de inschrijving van de commerciële platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens : 100 EUR;

6° voor een duplicaat van een beschadigd inschrijvingsbewijs "proefritten" of "handelaar" : 45 EUR;

7° voor elke wijziging bedoeld in artikel 32 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 tot regeling van de inschrijving van de commerciële platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens : 45 EUR;

8° voor de vernieuwing van de geldigheid van een inschrijving "proefritten" of "handelaar", bedoeld in respectievelijk artikel 9 en artikel 16 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 tot regeling van de inschrijving van de commerciële platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens : 45 EUR;

9° voor het beheer van de aanvragen met het oog op de elektronische overdracht van de gegevens aan de dienst "DIV" van het Directoraat-generaal Wegvervoer en Verkeersveiligheid van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer : 12 EUR.

Artikel 2

De krachtens artikel 1 verschuldigde bedragen worden gekweten volgens de modaliteiten die door de bevoegde minister of de bevoegde overheidsdienst worden bepaald. Eenmaal betaald, zijn de vergoedingen voorgeschreven in artikel 1 in geen enkel geval terugbetaalbaar.

Artikel 3

Tot de definitieve betaling van de openstaande vergoeding kan de dienstverlening opgeschort worden.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking op 15 november 2010.

Artikel 5

De Minister bevoegd voor het Wegverkeer is belast met de uitvoering van dit besluit.