8 JANUARI 1996. - Koninklijk besluit tot regeling van de inschrijving van de commerciële platen voor motorvoertuigen en aanhangwagens.
[BS 02-02-1996]

Hoofdstuk II. Algemene bepalingen betreffende de inschrijving van de commerciële kentekenplaten

Afdeling 2. Bepalingen eigen aan de inschrijving "proefritten"

Artikel 5

5.1. De bevoegde constructeurs of bouwers van motorvoertuigen of aanhangwagens alsook hun mandatarissen erkend overeenkomstig het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen of het algemeen reglement op de technische eisen waaraan de bromfietsen, de motorfietsen en hun aanhangwagens moeten voldoen, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:

5.1.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;

5.1.2. voor demonstratie;

5.1.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;

5.1.4. voor hun afstand;

5.1.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen;

5.1.6. om ze voor te rijden voor proefnemingen - evenals tijdens deze proefnemingen - te verrichten in het kader van de goedkeuring van een voertuig van een type dat het voorwerp dient te zijn van een goedkeuringsprocedure.

5.2. De personen die het beroep uitoefenen van koetswerkmaker of hersteller van motorvoertuigen of aanhangwagens, evenals de personen die het beroep uitoefenen van detailhandelaar in motorvoertuigen of in aanhangwagens, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:

5.2.1. na montage of herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;

5.2.2. voor demonstratie;

5.2.3. voor hun overbrenging naar een plaats van inscheping of van aankoop of van de plaats van ontscheping of van aankoop naar hun inrichtingen;

5.2.4. voor hun afstand;

5.2.5. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.

5.3. De gewestelijke vervoermaatschappijen die, na het bewijs te hebben geleverd dat zij voldoende zijn uitgerust om zelf voor het onderhoud en de herstelling van hun eigen voertuigen in te staan, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging voor de aanwending van "proefrittenplaten" hebben gekregen, kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de voertuigen die zij gebruiken:

5.3.1. na herstelling om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan;

5.3.2. om ze voor te rijden bij een instelling belast met de controle van de in het verkeer gebrachte voertuigen.

5.4. De onderzoekscentra van instellingen voor hoger onderwijs georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid, die na het bewijs te hebben geleverd dat zij zich inzonderheid bezighouden met de techniek van de motorvoertuigen of aanhangwagens, voorafgaandelijk van de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen machtiging hebben gekregen voor de eventueel in tijd beperkte aanwending van "proefrittenplaten", kunnen een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor voertuigen die zij gebruiken:

5.4.1. om ze af te stellen of om hun goede werking na te gaan in het kader van onderzoeksprojecten;

5.4.2. om ze af te halen en terug te brengen.

5.5. Het Logistiek Centrum van de Rijkswacht kan een inschrijving "proefritten" verkrijgen voor de motorvoertuigen of aanhangwagens die het gebruikt in de gevallen bedoeld in punt 5.1.

Artikel 6

6.1. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten":

6.1.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;

6.1.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:

  • het identificatienummer van de houder bij de B.T.W.;
  • dat de houder bij de B.T.W. geïdentificeerd is voor één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.1.;

6.1.3. een kopie van de erkenning die hun door het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur werd toegekend.

6.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten":

6.2.1. een gezegeld uittreksel uit het handelsregister, afgeleverd binnen zestig dagen die de aanvraag voorafgaan en waaruit de precieze aard van het uitgeoefende beroep blijkt;

6.2.2. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:

  • het identificatienummer van de houder bij de B.T.W.;
  • dat de houder bij de B.T.W. geïdentificeerd is voor één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2.;

6.2.3. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "proefrittenplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op de laatste dag van het voorlaatste volledig kwartaal ten opzichte van de datum van de aanvraag tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het eerste kwartaal van tewerkstelling of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.

6.3. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag tot het verkrijgen van een inschrijving "proefritten" een kopie van de machtiging die hen krachtens hetzelfde artikel werd afgegeven.

Artikel 7

7.1. De Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer geeft het volgende af:

7.1.1. een "proefrittenplaat" en een bijbehorend inschrijvingsbewijs;

7.1.2. een zelfklevend vignet met vermelding van een jaartal. Dit vignet moet worden aangebracht op de "proefrittenplaat", op de specifiek daartoe voorziene plaats.

7.2. Het op het zelfklevend vignet vermelde jaartal bepaalt het jaar waarin de geldigheid van de inschrijving "proefritten" vervalt. De vóór 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het lopende kalenderjaar; de vanaf 1 oktober uitgereikte vignetten vermelden het jaartal van het volgende kalenderjaar.

7.3. Het inschrijvingsbewijs vermeldt de uiterste geldigheidsdatum, namelijk "31/12" gevolgd door het jaartal van het zelfklevend vignet.

Artikel 8

De letterreeksen voorbehouden voor de proefrittenplaat, alsook de modellen van voornoemde plaat, van het bijbehorend inschrijvingsbewijs en van het zelfklevend vignet worden door de minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen vastgesteld.

Artikel 9

9.1. Tussen 1 oktober en 31 december van ieder jaar toont de houder van een inschrijving "proefritten" aan dat hij nog steeds alle voorwaarden vervult om deze inschrijving "proefritten" te behouden.

Daartoe dient hij bij de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer een aanvraag om vernieuwing van het zelfklevend vignet in door middel van het formulier bedoeld in artikel 4, punt 4.1., ingevuld overeenkomstig de bepalingen van artikel 4.

9.2. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., voegen bij hun aanvraag tot vernieuwing:

9.2.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:

  • het identificatienummer van de houder bij de B.T.W.;
  • dat de houder nog steeds bij de B.T.W. geïdentificeerd is voor één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.1., en dit daadwerkelijk uitoefent,
  • dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "proefritten" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;

9.2.2. een verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke erkenning werd toegekend.

9.3. De personen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing:

9.3.1. een verklaring, opgesteld door het bestuur dat bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan en waarin vermeld is:

  • het identificatienummer van de houder bij de B.T.W.;
  • dat de houder nog steeds bij de B.T.W. geïdentificeerd is voor één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., en dit daadwerkelijk uitoefent,
  • dat bij zijn weten het bezit of het gebruik van de inschrijving "proefritten" gedurende de twaalf maanden die de datum van de afgifte van de verklaring voorafgaan geen aanleiding heeft gegeven tot overtreding van douane- of fiscale regelingen;

9.3.2. een vestigingsgetuigschrift met betrekking tot één van de beroepen bedoeld in artikel 5, punt 5.2., afgeleverd door de bevoegde Kamer voor Ambachten en Neringen of door de Vestigingsraad binnen dertig dagen die de aanvraag voorafgaan. Voor de personen die een aantal werknemers hoger dan vijftig tewerkstellen (twintig voor de aanvragers van een "proefrittenplaat" moto) is dit document niet vereist; het wordt alsdan vervangen door een getuigschrift opgesteld binnen dezelfde termijn door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid dat het aantal werknemers vermeldt die op 30 juni van het lopende jaar tewerkgesteld waren of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers tewerkgesteld op de laatste dag van het derde kwartaal van hetzelfde jaar of, bij ontstentenis hiervan, het aantal werknemers vermeld op de inschrijvingsaanvraag bij bedoelde Rijksdienst.

9.4. De personen bedoeld in artikel 5, punten 5.3. en 5.4., voegen bij hun aanvraag om vernieuwing een persoonlijke verklaring waarbij zij verzekeren nog steeds te voldoen aan al de voorwaarden op basis waarvan hun de oorspronkelijke erkenning werd verleend.

9.5. In voorkomend geval kan de Minister bevoegd voor het inschrijven van voertuigen of zijn gemachtigde eisen dat de houder van de te vernieuwen inschrijving "proefritten" hem elke andere inlichting of elk ander document bezorgt waardoor hij zich ervan kan vergewissen dat er nog steeds voldaan wordt aan al de in dit besluit vastgelegde voorwaarden om deze inschrijving "proefritten" te behouden. Zijn aanvraag moet gemotiveerd zijn.

Artikel 10

Wanneer alle voorwaarden om een inschrijving "proefritten" te behouden daadwerkelijk vervuld zijn, geeft de Directie Inschrijvingen Voertuigen bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer een inschrijvingsbewijs met vermelding van de nieuwe uiterste geldigheidsdatum af, evenals een zelfklevend vignet met vermelding van het nieuwe jaartal dat door de titularis op de specifiek daartoe bestemde plaats op de "proefrittenplaat" dient aangebracht te worden ter vervanging van het vorige vignet.