19 JULI 2000. - Koninklijk besluit betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg.
[B.S. 26.07.2000]

Artikel 10

In het koninklijk besluit van 10 juni 1985 betreffende de inning en de consignatie van een som bij de vaststelling van de overtredingen van de wet betreffende de politie over het wegverkeer en haar uitvoeringsbesluiten, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 24 oktober 1997, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

een artikel 2bis wordt ingevoegd, luidend als volgt :

" Art. 2bis Voor de inning en de consignatie van een som wordt gebruik gemaakt van genummerde formulieren, die samengevoegd zijn in genummerde boekjes en die overeenstemmen met het model van bijlage 2 tot het koninklijk besluit van 19 juli 2000 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg. Indien tegelijkertijd verschillende overtredingen ten laste van een weggebruiker worden vastgesteld, noteert de bevoegde agent alle overtredingen op een zelfde formulier. ";

in artikel 5 worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling : " § 1. Voor de betaling met zegels wordt het bedrag dat op strook C1 van het formulier is vermeld, voldaan door op de voorziene plaats op strook C2/C3 van het formulier zegels te plakken die hiervoor uitgegeven worden door het Ministerie van Financiën, inzonderheid door de administratie die bevoegd is voor de belasting over de toegevoegde waarde. Deze zegels worden verkocht in de ontvangkantoren van genoemde administratie en in de postkantoren. De Minister van Financiën of zijn afgevaardigde kan eveneens toelating geven aan andere openbare of private instellingen deze zegels te verkopen onder de voorwaarden die hij bepaalt. ";

b) in § 2 worden in het eerste lid de woorden " de stroken A en B van het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " stroken C1 en C2/C3 van het formulier " en in het tweede lid worden de woorden " strook A van het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " strook C2 van het formulier ";

c) in § 3 worden in het eerste en tweede lid de woorden " de stroken A en B van het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " stroken C1 en C2/C3 van het formulier " en in het derde lid worden de woorden " strook A van het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " strook C2 van het formulier ";

d) in § 4 worden de woorden " het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " stroken C1 en C2/C3 van het formulier ";

e) in § 5 worden in het eerste lid de woorden " strook B van de stam en strook A van het bericht van vaststelling " vervangen door de woorden " strook A en strook C2 van het formulier " en in het tweede lid worden de woorden " strook B van de stam " vervangen door de woorden " strook A van het formulier ";

artikel 6 wordt vervangen door de volgende bepalingen :

" Art. 6. § 1. Voor de betaling in geld vult de bevoegde agent de stroken A, B en C1 van het formulier in, waarvan:

- strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie van de politierechtbank;
- strook B aan het boekje gehecht blijft;
- strook C1 onmiddellijk aan de overtreder wordt afgegeven.

§ 2. Indien de overtreder de som niet kan betalen met een specie die gangbaar is in Belgie¨, kan als volgt worden betaald:

  • met bankbiljetten in één enkel van volgende munteenheden : Luxemburgse frank, Franse frank, Nederlandse gulden, Duitse mark, pond sterling of US dollar;
  • met eurocheques uitgedrukt in BEF of in EUR en gewaarborgd door een geldige bankkaart;
  • door middel van kredietkaarten die worden erkend door de Minister van Financiën volgens voorwaarden die hij vaststelt. Overwegende dat de betaling in bankbiljetten moet kunnen gebeuren, stelt de Minister van Financiën op geregelde tijdstippen, voor iedere som, de bedragen vast in deviezen andere dan die van de EURO-zone. " ;

in artikel 7 worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) § 2 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 2. Artikel 6 is van toepassing in geval van consignatie van een som. ";

b) de §§ 3 en 4 worden geschrapt;

artikel 8 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" Art. 8. Wanneer een formulier voor inning of consignatie van een som ongeldig moet worden gemaakt, constateert de agent, die er houder van is, het ongeldig maken door middel van een gedagtekende en ondertekende vermelding op alle stroken van het formulier. ";

artikel 9 wordt aangevuld met het volgende lid : "De Minister van Financiën bepaalt de modaliteiten voor de betaling door middel van kredietkaarten. ";

de bijlagen worden opgeheven.

Artikel 11

In het koninklijk besluit van 24 maart 1997 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige overtredingen inzake het vervoer over de weg van gevaarlijke goederen, met uitzondering van ontplofbare en radioactieve stoffen, worden de volgende wijzigingen aangebracht :

in artikel 4 worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 1. Voor de inning van een som wordt gebruik gemaakt van genummerde formulieren, die samengevoegd zijn in genummerde boekjes en die overeenstemmen met het model van bijlage 2 tot het koninklijk besluit van 19 juli 2000 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg. Indien tegelijkertijd verschillende overtredingen ten laste van een zelfde overtreder worden vastgesteld, noteert de bevoegde agent alle overtredingen op een zelfde formulier. ";

b) § 2 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 2. De bevoegde ambtenaar vult de stroken A, B en C1 van het formulier in, waarvan :

- strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie van de bevoegde politierechtbank;
- strook B aan het boekje gehecht blijft;
- strook C1 onmiddellijk aan de overtreder wordt afgegeven. ";

c) § 3 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 3. Indien de overtreder de som niet kan betalen met een specie die gangbaar is in België, kan als volgt worden betaald:

  • met bankbiljetten in één enkel van volgende munteenheden : Luxemburgse frank, Franse frank, Nederlandse gulden, Duitse mark, pond sterling of US dollar;
  • met eurocheques uitgedrukt in BEF of in EUR en gewaarborgd door een geldige bankkaart;
  • door middel van kredietkaarten die worden erkend door de Minister van Financiën volgens voorwaarden die hij vaststelt. Overwegende dat de betaling in bankbiljetten moet kunnen gebeuren, stelt de Minister van Financiën op geregelde tijdstippen, voor iedere som, de bedragen vast in deviezen andere dan die van de EURO-zone. " ;

in artikel 5 worden de volgende wijzigingen aangebracht :

a) § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 1. Indien de overtreder geen woonplaats of vaste verblijfplaats in België heeft en de voorgestelde som niet onmiddellijk betaalt, is de per overtreding in consignatie te geven som dezelfde als de te innen som.

Het totaal van de ter plaatse te consigneren sommen ten laste van een zelfde overtreder mag 100.000 BEF (2.478,94 EUR) niet overschrijden.

De totaal ter plaatse te consigneren som wordt met een forfaitaire som van 3.000 BEF (74,37 EUR) verhoogd als waarborg voor de eventueel te betalen gerechtskosten. ";

b) § 2 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 2. Voor de consignatie van een som wordt gebruik gemaakt van genummerde formulieren die samengevoegd zijn in genummerde boekjes en die overeenstemmen met het model van bijlage 2 tot het koninklijk besluit van 19 juli 2000 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige inbreuken inzake het vervoer over de weg. Indien tegelijkertijd verschillende overtredingen ten laste van een zelfde overtreder worden vastgesteld, noteert de bevoegde agent alle overtredingen op een zelfde formulier. ";

c) § 3 wordt vervangen door de volgende bepaling :

" § 3. De bevoegde ambtenaar vult de stroken A, B en C1 van het formulier in, waarvan :

- strook A dezelfde dag wordt verzonden aan het openbaar ministerie van de bevoegde politierechtbank;
- strook B aan het boekje gehecht blijft;
- strook C1 onmiddellijk aan de overtreder wordt afgegeven. ".

Artikel 12

De in dit besluit in euro uitgedrukte bedragen worden rechtstreeks van toepassing op 1 januari 2002.

Artikel 13

Het koninklijk besluit van 12 juli 1989 betreffende de inning en de consignatie van een som bij het vaststellen van sommige overtredingen inzake het vervoer over de weg, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 25 november 1992, wordt opgeheven.

Artikel 14

Dit besluit treedt in werking op 1 september 2000.

Artikel 15

Onze Minister van Mobiliteit en Vervoer, Onze Minister van Justitie en Onze Minister van Financiën zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.