1 DECEMBER 1975. - Koninklijk besluit houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.
[BS 09.12.1975]

Titel III: Verkeerstekens

Hoofdstuk IV: Allerhande bepalingen

Artikel 78. Signaleren van werken en verkeersbelemmeringen

78.1.1. Het signaleren van de op de openbare weg aangebrachte werken valt ten laste van diegene die de werken uitvoert.

Wanneer verkeersborden betreffende de voorrang, verbodsborden, gebodsborden, verkeersborden betreffende het stilstaan en parkeren of voorlopige markeringen die de rijstroken aanduiden moeten worden aangewend, mag deze signalisatie slechts worden aangebracht op voorwaarde dat daartoe toelating is gegeven :

  • door de Minister tot wiens bevoegdheid het beheer van de autosnelwegen behoort of door zijn gemachtigde, zo het een autosnelweg betreft;
  • door de burgemeester of zijn gemachtigde zo het een andere openbare weg betreft.

Deze toelating bepaalt in elk geval de verkeerstekens die zullen gebruikt worden.

78.1.2. De verkeerstekens moeten weggenomen worden door diegene die de werken uitvoert zodra deze beëindigd zijn.

78.2. De verkeersbelemmeringen moeten worden gesignaleerd :

  • hetzij door de overheid die het beheer van de openbare weg heeft, wanneer het een belemmering betreft die niet te wijten is aan de daad van een derde;
  • hetzij door hem die de belemmering in het leven geroepen heeft.

Ingeval deze laatste in gebreke blijft, neemt de overheid die het beheer van de openbare weg heeft, deze verplichting op zich; de kosten die hieruit voortvloeien kunnen door die overheid teruggevorderd worden van de in gebreke gebleven persoon.