23 JULI 2001. - Ministerieel besluit betreffende de inschrijving van voertuigen.
[BS 08.08.2001]

Hoofdstuk III. Kentekenplaten voor auto's en aanhangwagens

Afdeling 2. Gewone en bijkomende kentekenplaten

Artikel 4

§ 1. De gewone kentekenplaat heeft een witte grond. Opschrift en boord zijn robijnrood (RAL 3003).

Het opschrift bestaat uit :

voor wat betreft de rechthoekige kentekenplaat, een (index)cijfer of letter, gevolgd door een scheidingsstreepje ter hoogte van de horizontale middellijn van de kentekenplaat en een combinatie van hetzij drie letters gevolgd door drie cijfers, hetzij drie cijfers gevolgd door drie letters.De letters worden eveneens van de cijfers gescheiden door een streepje ter hoogte van de horizontale middellijn.

In geval van uitputting van deze reeksen wordt het (index)cijfer of letter achteraan geplaatst, voorafgegaan door een scheidingsstreepje ter hoogte van de horizontale middellijn van de kentekenplaat en een combinatie van hetzij drie letters gevolgd door drie cijfers, hetzij drie cijfers gevolgd door drie letters. De letters worden eveneens van de cijfers gescheiden door een streepje ter hoogte van de horizontale middellijn.

voor wat betreft de vierkante kentekenplaat, een (index)cijfer of letter, gevolgd door een scheidingsstreepje en een groep van maximaal drie letters of cijfers boven een groep van maximaal vier letters of cijfers;de groepen tezamen genomen bestaan uitsluitend uit combinaties zoals voorzien in 1°, zonder scheidingsstreepjes.

In geval van uitputting van deze reeksen wordt het (index)cijfer of letter achteraan geplaatst, voorafgegaan door een scheidingsstreepje;

§ 1/1. In afwijking van voorgaande paragraaf voldoet het opschrift van de kentekenplaat waarvan het inschrijvingsnummer werd gereserveerd overeenkomstig artikel 23 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen aan volgende voorwaarden :

letters en cijfers worden gescheiden door een scheidingsstreepje. Een scheidingsstreepje kan eveneens letters of groepen van letters scheiden, alsook cijfers of groepen van cijfers;

het opschrift bestaat uit maximaal 8 schrifttekens, waarbij het scheidingsstreepje eveneens beschouwd wordt als een schriftteken;

het opschrift mag niet uitsluitend uit cijfers bestaan, behalve voor de voertuigen die op deze manier zijn ingeschreven voor 1 januari 1954;

het opschrift mag geen verwarring veroorzaken met het opschrift van andere kentekenplaten, in het bijzonder van de kentekenplaten bedoeld in de artikelen 4, § 2, eerste lid, §§ 4 en 5, 5, 6, 7, 10, 10/1, 12, 13, 14, 15 en 15/2;

het opschrift mag niet aanvangen of eindigen met een scheidingsstreepje;

de reliëfstempel gaat het opschrift vooraf.

§ 2. Behalve wanneer de kentekenplaat is gereserveerd overeenkomstig artikel 23 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001, worden de kentekenplaten met (index)letter "O" toegekend bij de inschrijving of herinschrijving van de voertuigen vermeld in artikel 2, § 2, 7°, van het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto’s, hun aanhangwagens, hun onderdelen en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen.

Indien de kentekenplaat werd gereserveerd overeenkomstig artikel 23 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen wordt, bij de inschrijving of herinschrijving van de voertuigen bedoeld in het eerste lid, een rood vignet dat 28 millimeter breed en 28 millimeter hoog is, aangebracht voor het inschrijvingsnummer en onder de reliëfstempel op de kentekenplaat. Dit vignet bevat de vermelding "Oldtimer".

§ 3. Behalve wanneer de kentekenplaat is gereserveerd overeenkomstig artikel 23 van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen, worden de kentekenplaten met (index)letter "Q" toegekend bij de inschrijving of herinschrijving van aanhangwagens.

§ 4. Kentekenplaten met (index)letter "T" worden toegekend bij de inschrijving of herinschrijving van personenvoertuigen die aangewend worden hetzij voor een vergunde taxidienst, hetzij uitsluitend voor verhuring met bestuurder overeenkomstig artikel 15, § 2, 2°, van het koninklijk besluit van 8 juli 1970 houdende algemene verordening betreffende de met de inkomstenbelasting gelijkgestelde belastingen. Voor de categorie vergunde taxidienst begint de groep letters met "X", voor de categorie verhuring met bestuurder begint de groep letters met "L".

Zodra het personenvoertuig niet langer voldoet aan de in het voorgaande lid bedoelde voorwaarde, dient de kentekenplaat binnen 8 dagen ingeleverd te worden bij de directie verantwoordelijk voor de inschrijving van voertuigen bij het Directoraat-generaal Wegvervoer en Verkeersveiligheid.

§ 5. Voor de bijkomende kentekenplaten met een bijzonder opschrift worden de letters en cijfers als volgt gecombineerd:

de « Hof »-kentekenplaten : enkel één tot drie cijfers;

de « A »- « E »- of « P »- kentekenplaten : de letter « A », « E » of « P », gevolgd door een scheidingsstreepje en één tot drie cijfers.