Let op: de inhoud van de berichten weerspiegelt de situatie zoals ze op het ogenblik van publicatie van toepassing was. Het is dus mogelijk dat sommige berichten ondertussen verouderd zijn.

Omzendbrief prioritair rijden

op .

In de pas verschenen omzendbrief COL 16/2006 van het College van Procureurs-generaal bij de Hoven van Beroep wordt het vaststellings- en vervolgingsbeleid bepaald inzake verkeersmisdrijven gepleegd door bestuurders van prioritaire voertuigen en voertuigen in opdracht.

1. Doelstelling

De doelstelling van deze omzendbrief bestaat erin het vaststellings- en vervolgingsbeleid te uniformeren op gebied van verkeersinbreuken gepleegd door bestuurders van prioritaire voertuigen en voertuigen in opdracht.

2. Toepassingsgebeid

Deze omzendbrief heeft betrekking op het gebruik van alle prioritaire voertuigen, zoals ziekenwagens, brandweerwagens of de burger- en andere auto's van de politie.

3. Principes inzake vaststelling en vervolging

3.1. Overschrijding van de maximaal toegelaten snelheid

In het wegverkeersreglement wordt het gebruik van de blauwe knipperlichten voorgeschreven wanneer de prioritaire voertuigen een dringende opdracht uitvoeren.

Derhalve:

  • Wanneer de blauwe knipperlichten zichtbaar zijn op de foto, kan worden aangenomen dat de overtreding werd gepleegd in het raam van een opdracht.

In ieder geval zal een proces-verbaal worden opgesteld dat aan het bevoegde politieparket zal worden overgemaakt.

De procureur des Konings zal het proces-verbaal zonder gevolg klasseren behoudens wanneer hij een onregelmatigheid vaststelt.

  • Wanneer de blauwe knipperlichten niet zichtbaar zijn op de foto, stuurt de politiedienst die de vaststelling heeft gedaan een standaardformulier aan de korpschef van de politieagent die de overtreding heeft begaan.

Deze korpschef bevestigt of de inbreuk al dan niet werd gepleegd in het raam van een dringende of daarmee gelijkgestelde opdracht overeenkomstig artikel 59.13 van het koninklijk besluit.

Dit formulier (zie onderaan) wordt binnen de 10 dagen verstuurd aan de politiedienst die het, samen met het proces-verbaal, zal overmaken aan het bevoegde politieparket.

De procureur des Konings:

  • klasseert het proces-verbaal zonder gevolg indien inderdaad blijkt dat het besturen onder de toepassing van artikel 59.13 valt;
  • zoniet zal hij handelen overeenkomstig de richtlijnen vervat in omzendbrief COL 11/2006 van 31 maart 2006.

3.2. Het voorbijrijden van een rood licht

In het Wegverkeersreglement worden de voorwaarden waarop een prioritair voertuig (in dringende opdracht) een rood licht mag voorbijrijden bepaald, namelijk:

  • wanneer het speciaal geluidstoestel wordt gebruikt;
  • na te hebben gestopt;
  • op voorwaarde dat zulks geen gevaar oplevert voor de andere weggebruikers.

Deze voorwaarden zijn cumulatief.

In alle gevallen dient een proces-verbaal te worden opgesteld. De bevoegde procureur des Konings zal, al naargelang de omstandigheden van de zaak, oordelen over het gevolg (sepot, minnelijke schikking, vervolging) dat hieraan dient te worden gegeven.

Er dient rekening te worden gehouden met volgende overwegingen:

de verplichting dat de weg enkel mag worden voortgezet indien dit de andere gebruikers niet in gevaar brengt, impliceert dat de bestuurder van het prioritaire voertuig zich ervan dient te vergewissen dat de “gewone” weggebruikers die zich op het kruispunt bevinden of dit hebben overgestoken bij groen licht, de mogelijkheid hebben om het prioritaire voertuig voorbij te laten rijden;

het is onvoldoende te vertragen voor een rood licht.

4. De volledige omzendbrief

De volledige omzendbrief kan u hier vinden.


{module 327}