19 JULI 2002. - Besluit van de Vlaamse regering betreffende het geregeld vervoer, de bijzondere vormen van geregeld vervoer, het vervoer voor eigen rekening en het ongeregeld vervoer.
(B.S. 26.07.2000)

Hoofdstuk VIII. Administratieve geldboete

Artikel 38

§1. De wegeninspecteur of wegeninspecteur-controleur die een inbreuk vaststelt op artikel 66, § 1, van het decreet, stelt de overtreder ter plaatse in kennis van het voornemen om een administratieve geldboete van 250 euro op te leggen. Gelijktijdig licht hij de bevoegde wegeninspecteur-controleur hierover in.

De overtreder kan binnen dertig dagen na de vaststelling van de inbreuk zijn opmerkingen aan de wegeninspecteur-controleur laten kennen.

§2. De overtreder wordt, binnen zestig dagen na de vaststelling van de inbreuk, door de wegeninspecteur-controleur van de beslissing tot het opleggen van de administratieve geldboete op de hoogte gebracht via een aangetekende brief met ontvangstbewijs.

§3. De administratieve geldboete moet worden betaald binnen dertig dagen na de kennisgeving bedoeld in § 2 van dit artikel.

§4. Bij gebrek aan betaling binnen de vastgestelde termijn wordt door het afdelingshoofd van de bevoegde administratie een dwangbevel uitgevaardigd en uitvoerbaar verklaard.

§5. De directeur-generaal van de administratie Wegen en Verkeer beslist over de gemotiveerde verzoeken tot vermindering of kwijtschelding van de boetes. Het verzoekschrift dient via een aangetekende brief te worden ingediend binnen een termijn van dertig dagen na de kennisgeving, bedoeld in § 2 van dit artikel.

Als de betrokkene daarom verzoekt, kan hij gehoord worden en zich laten bijstaan door een raadsman.

§6. Gedurende het onderzoek van het verzoekschrift is de verplichting tot het betalen van de administratieve geldboete geschorst.

§7. De beslissing betreffende de verzoeken, bedoeld in § 5 van dit artikel, wordt genomen binnen drie maanden na de indiening van het verzoekschrift. Deze termijn kan eenmaal voor dezelfde duur verlengd worden op voorwaarde dat die verlenging omstandig wordt gemotiveerd.

Indien binnen de verlengde termijn geen beslissing werd genomen, wordt het verzoek geacht te zijn ingewilligd.

§8. De definitieve beslissing over het verzoek wordt met redenen omkleed en aan de indiener van het verzoekschrift ter kennis gebracht via een aangetekende brief met ontvangstbewijs.

§9. Vanaf de kennisgeving, bedoeld in § 8 van dit artikel, vangt een nieuwe termijn van dertig dagen aan waarna overeenkomstig § 4 van dit artikel een dwangbevel kan worden uitgevaardigd en uitvoerbaar verklaard.

Deze website wenst cookies te gebruiken om uw surfervaring te verbeteren. Door op “Ok” te klikken, aanvaardt u het gebruik van deze cookies voor deze doeleinden.