Besluit van de Waalse Regering van 14 maart 2019

houdende uitvoering van het decreet van 19 december 2007 betreffende het goedkeuringstoezicht van het Waalse Gewest op de aanvullende reglementen op de openbare wegen en op het verkeer van de gemeenschappelijke vervoermiddelen en tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 8 oktober 2009 betreffende de overdrachten van bevoegdheden bij de Waalse Overheidsdienst

B.S. 16.05.2019

HOOFDSTUK I. — Autonome bepalingen

Artikel 1. In de zin van dit besluit, wordt verstaan onder:

1o het decreet van 19 december 2007: het decreet van 19 december 2007 betreffende het goedkeuringstoezicht van het Waalse Gewest op de aanvullende reglementen op de openbare wegen en op het verkeer van de gemeenschappelijke vervoermiddelen;

2o de werkdag: alle dagen van de week, met uitsluiting van zaterdag, zondag en de wettelijke feestdagen;

3o de goedkeurend beambte: de directeur-generaal van het Operationeel Directoraat-generaalWegen en Gebouwen van de Waalse Overheidsdienst of een daartoe door hem aangewezen ambtenaar van niveau A.

Art. 2. § 1. Bijkomende reglementen met betrekking tot maatregelen voor betalend parkeren, parkeren gereserveerd voor houders van gemeentelijke parkeerkaarten of parkeerkaarten van beperkte tijd, met uitzondering van de verkeersborden E5, E7 en E11, worden niet aan de goedkeuring van de goedkeurend beambte onderworpen.

Voor de maatregelen met betrekking tot parkeerreservering voor gehandicapten, bedraagt de termijn bedoeld in artikel 4, § 2, tweede lid, van het decreet van 19 december 2007, twintig dagen, zelfs zonder voorafgaand overleg indien het aanvullende reglement enkel op deze maatregel betrekking heeft.

§ 2. De gemeenteraad vermeldt in zijn besluit of de maatregel het voorwerp is geweest van een voorafgaand overleg of is vastgesteld op basis van een uitnodiging van de Minister die bevoegd is voor de verkeersveiligheid, krachtens artikel 5 van het decreet van 19 december 2007.

Art. 3. De gemeenteraden kunnen bijkomende reglementen vaststellen met betrekking tot gewestwegen, krachtens artikel 3, § 1, van het decreet van 19 december 2007, uitsluitend met betrekking tot maatregelen voor:

1o het parkeren voor een beperkte tijd;

2o betalend parkeren;

3o het parkeren op plaatsen voorbehouden aan de houders van een gemeentelijke parkeerkaart;

4o parkeerreservering;

5o het verbod om te parkeren of te stoppen op afstanden kleiner dan of gelijk aan dertig meter.

Het aanvullende reglement betreffende de maatregelen met betrekking tot de verkeersborden E5, E7 en E11 en de in het eerste, vierde en vijfde lid bedoelde maatregelen, worden ter goedkeuring aan de goedkeurend beambte voorgelegd, die desgevallend dit aanvullende reglement geheel of gedeeltelijk goed- of afkeurt.

Het aanvullende reglement betreffende de maatregelen die niet bedoeld zijn in het tweede lid, worden alleen in geval van de aanleg van nieuwe parkeerplaatsen ter goedkeuring aan de goedkeurend beambte voorgelegd.

Voor de maatregelen met betrekking tot parkeerreservering voor gehandicapten, bedraagt de termijn bedoeld in artikel 3, § 2, tweede lid, van het decreet van 19 december 2007, twintig dagen, zelfs zonder voorafgaand overleg indien het aanvullende reglement enkel op deze maatregel betrekking heeft.

Art. 4. De krachtens de artikelen 2 en 3 in te dienen erkenningsaanvragen worden langs elektronische weg ingediend. Zij kunnen echter nog tot zes maanden na de inwerkingtreding van dit besluit per post worden ingediend.

De aanvragen worden geacht te zijn ontvangen:

1o de eerste werkdag na de verzending van het dossier langs elektronische weg;

2o in voorkomend geval, de eerste werkdag na de postdatum van het ontvangen schrijven met het dossier.

Art. 5. De termijnen bedoeld in de artikelen 3, § 2, tweede lid, en 4, § 2, tweede lid, van het decreet van 19 december 2007 worden opgeschort indien de goedkeuringsaanvraag onvolledig is of indien bij de beraadslagingen van de gemeenteraad een kennelijke vormfout wordt vastgesteld. Een nieuwe termijn wordt berekend zodra de aan de gemeente gevraagde stukken worden ontvangen en indien de aanvraag door de goedkeurend beambte als volledig wordt beschouwd.

HOOFDSTUK II. — Wijzigingsbepalingen

Art. 6. Artikel 69/2 van het besluit van de Waalse Regering van 8 oktober 2009 betreffende de overdrachten van bevoegdheden bij de Waalse Overheidsdienst, ingevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 24 maart 2016, wordt vervangen door wat volgt:

″Art. 69/2 Er wordt volmacht verleend aan de directeur-generaal of aan een door hem aangewezen personeelslid van niveau A om de artikelen 2 en 5 van het decreet van 19 december 2007 betreffende het goedkeuringstoezicht van het Waalse Gewest op de aanvullende reglementen op de openbare wegen en op het verkeer van de gemeenschappelijke vervoermiddelen en de ambtshalve maatregelen bedoeld in artikel 13 van hetzelfde decreet toe te passen.″.

Art. 7. In artikel 69/5 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 27 april 2017, worden de woorden ″overeenkomstig artikel 78.1.1 van het koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer″ vervangen door de woorden ″overeenkomstig artikel 10, § 2, van het decreet van 19 december 2007 betreffende het goedkeuringstoezicht van het Waalse Gewest op de aanvullende reglementen op de openbare wegen en op het verkeer van de gemeenschappelijke vervoermiddelen″.

HOOFDSTUK III. — Slotbepalingen

Art. 8. De Minister die bevoegd is voor verkeersveiligheid en de Minister van Plaatselijke besturen zijn, elk wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Art. 9. Dit besluit heeft uitwerking op 1 januari 2019.