4 MEI 2007. - Koninklijk besluit betreffende het rijbewijs, de vakbekwaamheid en de nascholing van bestuurders van voertuigen van de categorieën C1, C1+E, C, C+E, D1, D1+E, D, D+E.
[BS 10.05.2007]

Titel III. Examens

Hoofdstuk 2. Examencentra

Artikel 22

De examens bedoeld in artikel 21 worden afgelegd in de examencentra bedoeld in artikel 25, § 1, eerste zin, van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs.

Voor de toepassing van dit besluit, worden eveneens als examencentra beschouwd :

de instellingen bedoeld in artikel 4, 4° en 8°, van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs als het gaat om kandidaten die er de opleiding hebben gevolgd;

de instellingen bedoeld in artikel 4, 5°, van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs indien het gaat om kandidaten die er een opleiding hebben gevolgd of om kandidaten die een opleiding hebben gevolgd bij de instellingen bedoeld in artikel 4, 7° en 15° van hetzelfde esluit.

Het woord “esluit” dient gelezen te worden als “besluit”.

Artikel 23

§ 1. De examencentra bedoeld in artikel 22 beantwoorden aan de volgende voorwaarden :

elk examencentrum beschikt over een gepaste infrastructuur, inzonderheid lokalen en terreinen buiten het verkeer, alsook het materiaal dat nodig is om de theoretische en de praktische examens bedoeld in deze titel af te nemen;

elk examencentrum beschikt vanaf 1 januari 2015 over een ISO 9000-, een CEDEO-, of een EFQM-erkenning of over andere certificaten of erkenningen die door de minister of door zijn gemachtigde zijn toegelaten;

elk examencentrum bedoeld in artikel 22, eerste lid organiseert alle indeze titel bedoelde examens;

elk examencentrum stelt jaarlijks een activiteitenverslag op en bezorgt dit uiterlijk tegen 31 maart van het daaropvolgende jaar aan de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer. De minister of zijn gemachtigde bepaalt de inhoud van dit verslag;

Voor wat betreft het Waals Gewest, worden de woorden “de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer” vervangen door de woorden “aan het ″DGO2″″.

elk examencentrum gebruikt uitsluitend de examenvragen en de informaticatoepassing die de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ter beschikking stelt en gebruikt deze op de door de administratie bepaalde wijze;

elk examencentrum neemt deel aan de vergaderingen die de Minister of zijn gemachtigde organiseert. Deze deelname kan gebeuren door de aanwezigheid van een afgevaardigde van de groepering waarbij de examencentra zijn aangesloten;

elk examencentrum schikt zich naar de instructies van de minister of zijn gemachtigde in uitvoering van de bepalingen van dit besluit, met inbegrip van de examenvademecums;

elk examencentrum bezorgt de minister of zijn gemachtigde alle informatie met betrekking tot de uitoefening van zijn opdracht;

elk examencentrum zorgt ervoor dat de examens, uitgezonderd de computergestuurde examens, door erkende examinatoren worden afgenomen.

§ 2. De door de minister of door zijn gemachtigde aangestelde personen of organismen die met de inspectie en het toezicht bedoeld in artikel 53, zijn belast, mogen de examens bijwonen en zijn gemachtigd om controle uit te voeren op de gebruikte middelen en op het goede verloop van de examens.

Op eenvoudige vraag van de instantie bedoeld in het eerste lid is het examencentrum daarom verplicht de plaats, de datum en het uur van de geplande examens meer te delen.

Voor wat betreft het Vlaams Gewest, worden de woorden “de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer” telkens vervangen door de woorden “het Departement”.
Voor wat betreft het Waals Gewest, wordt het woord “Minister” telkens vervangen door de woorden “Waalse Minister”.

Artikel 24

Opgeheven bij art. 7 K.B. 10 januari 2013 (B.S. 18 januari 2013)

Artikel 25

§ 1. De examinatoren belast met de in deze titel bepaalde examens worden aangeworven en bezoldigd door de in dit hoofdstuk bedoelde examencentra. Ze zijn door de Minister of zijn gemachtigde erkend en voldoen aan de voorwaarden bepaald in artikel 26, § 2 en § 3 van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs.

§ 2. De Minister kan, na de betrokkene en desgevallend de directeur van het examencentrum te hebben gehoord, de erkenning van de examinator opschorten voor een termijn van acht dagen tot een jaar, of ze intrekken wegens het niet naleven van de bepalingen van dit besluit.

Artikel 25 Waals Gewest

§ 1. De examinatoren belast met de in deze titel bepaalde examens worden aangeworven en bezoldigd door de in dit hoofdstuk bedoelde examencentra. Ze zijn door de Waalse Minister of zijn gemachtigde erkend en voldoen aan de voorwaarden bepaald in artikel 26, § 2 en § 3 van het koninklijk besluit betreffende het rijbewijs.

§ 2. De Waalse Minister of zijn gemachtigde kan, na de betrokkene en desgevallend de directeur van het examencentrum te hebben gehoord, de erkenning van de examinator opschorten voor een termijn van acht dagen tot een jaar, of ze intrekken wegens het niet naleven van de bepalingen van dit besluit.