11 MEI 2004. - Koninklijk besluit betreffende de voorwaarden voor erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen.
[BS 01.06.2004]

Titel III : Controle en sancties

Hoofdstuk II. Sancties

Artikel 41

De Minister kan, wanneer de in de hoofdstukken IV en V van titel I en de in artikel 10 bepaalde voorwaarden niet worden nageleefd en na de rijschooldirecteur en in voorkomend geval de adjunct-rijschooldirecteur of de instructeur gehoord te hebben, de erkenning van rijschool, de exploitatievergunning van een vestigingseenheid of de goedkeuring van een oefenterrein voor een termijn van minstens acht dagen en hoogstens zes maanden schorsen.

Indien de Minister ondanks een voorafgaandelijke schorsingsmaatregel van minstens twee maanden vaststelt dat in de hoofdstukken IV en V van titel I bepaalde voorwaarden nog altijd niet worden nageleefd, trekt hij de erkenning van rijschool, de exploitatievergunning van een vestigingseenheid of de goedkeuring van een oefenterrein in, na de rijschooldirecteur en in voorkomend geval de adjunct-rijschooldirecteur of de instructeur gehoord te hebben.

Gedurende de schorsingsperiode of na de intrekkingsbeslissing mag geen enkele theoretische of praktische lessenreeks beginnen.

Het schorsings- of intrekkingsbesluit wordt bij de ingang van de les- en administratielokalen uitgehangen.

Artikel 42

De Minister kan, na de belanghebbende of in voorkomend geval de rijschooldirecteur en de adjunct-rijschooldirecteur voorafgaandelijk te hebben gehoord, de instructie- of directietoelating van elk les- of leidinggevend personeelslid schorsen, wanneer de in de hoofdstukken IV en V van titel I bepaalde bepalingen niet worden nageleefd.

De schorsing wordt uitgesproken voor een periode van minstens acht dagen en hoogstens twee jaar.

Indien de Minister ondanks een voorafgaandelijke schorsingsmaatregel van minstens acht maanden vaststelt dat de in de hoofdstukken IV en V van titel I bepaalde voorwaarden nog altijd niet worden nageleefd, kan hij de instructie- of directietoelating intrekken na de belanghebbende en in voorkomend geval de rijschooldirecteur en de adjunct-rijschooldirecteur voorafgaandelijk te hebben gehoord.

Gedurende de schorsingsperiode van de directietoelating, mag geen enkele theoretische of praktische lessenreeks beginnen. De Minister heft dit verbod op, zodra een rijschooldirecteur aangesteld is.

Het schorsings- of intrekkingsbesluit wordt bij de ingang van de les- en administratielokalen uitgehangen.

Artikel 43

De Minister of zijn gemachtigde kan met onmiddellijke ingang de directie- of instructietoelating schorsen van een personeelslid van een rijschool, dat het voorwerp van een gerechtelijk onderzoek vormt of van een strafvordering wegens inbreuk op artikel 12, § 1, 1°, a) en b), en wiens aanwezigheid in de rijschool onverenigbaar met het onderricht is.

Binnen de strikt nodige tijd en maximum binnen de tien werkdagen die op de maatregel van onmiddellijke schorsing volgen, wordt de in artikel 42 bepaalde intrekkings- of schorsingsprocedure aangevat. Bij gebrek daaraan houdt de schorsing van rechtswege op.

Artikel 44

Onderricht dat door een instructeur die niet beschikt over een instructietoelating of wiens instructietoelating geschorst is, verstrekt werd, wordt niet in aanmerking genomen voor de berekening van het door de artikelen 14 en 15 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs bepaalde aantal lesuren. De rijschool moet de leerlingen terug betalen voor de lesuren en de voor de inschrijving voor de examens of voor het verkrijgen van de documenten verschuldigde bijdragen.