20 JULI 2006 - Omzendbrief betreffende de hervorming van de rijopleiding categorie B.
(B.S. 04.08.2006)

INHOUD

1. Het theoretisch examen
2. Stage met voorlopig rijbewijs
    2.1. Het voorlopig rijbewijs B met begeleider
          A. Voorwaarden voor de uitreiking van het voorlopig rijbewijs
          B. Voorwaarden voor het gebruik van het voorlopig rijbewijs
          C. Geldigheidsduur
          D. Verval
    2.2. Het voorlopig rijbewijs zonder begeleider
           A. Voorwaarden voor de uitreiking van het voorlopig rijbewijs
           B. Voorwaarden voor het gebruik van het voorlopig rijbewijs
           C. Geldigheidsduur
           D. Verval
    2.3. Overschakeling tussen de modellen.
3. Rijopleiding via de rijschool
    3.1. De 6 uren basisopleiding
    3.2. De 20 uren rijopleiding
4. Praktisch examen
    4.1. Voorwaarden
    4.2. Inhoud
    4.3. Een bijkomende opleiding van 6 uur
5. Overgangsmaatregelen

Bijlage 1 : Aanvraag om een voorlopig rijbewijs categorie B - B+E
Bijlage 2 : Getuigschrift van onderricht - bekwaamheidsattest
Bijlage 3 : Getuigschrift van onderricht


Het koninklijk besluit van 10 juli 2006 betreffende het rijbewijs voor voertuigen van categorie B hervormt de rijopleiding voor voertuigen van categorie B.

De bepalingen van dit koninklijk besluit en de daaraan verbonden hervormingen treden in werking op 1 september 2006.

De hervorming betreft enkel de scholing en het examen voor voertuigen van categorie B. De hervorming is niet van toepassing op de categorie B+E.

De hervorming heeft zowel betrekking op het theoretisch examen, de stageperiode als het praktisch examen.

1. Het theoretisch examen

De kandidaat kan het theoretisch examen voortaan afleggen vanaf de leeftijd van 17 jaar. Een voorafgaande theoretische rijopleiding is niet vereist.

2. Stage met voorlopig rijbewijs

Na het slagen voor het theoretisch rijexamen volgt een stageperiode van minstens 3 maanden op basis van een voorlopig rijbewijs.

De kandidaat krijgt voortaan de keuze tussen twee voorlopige rijbewijzen :

- voorlopig rijbewijs met begeleider of
- voorlopig rijbewijs zonder begeleider.

De voorlopige rijbewijzen model M1,M2, M3 en de leervergunning worden afgeschaft.

2.1. Het voorlopig rijbewijs B met begeleider

A. Voorwaarden voor de uitreiking van het voorlopig rijbewijs

Na het slagen voor het theoretisch examen, komt de kandidaat in aanmerking voor een voorlopig rijbewijs dat 36 maanden geldig is.

Om dit document te bekomen moet de kandidaat op het moment van de uitreiking minstens 17 jaar oud zijn, niet vervallen zijn in het recht tot sturen en voldoen aan de Belgische inschrijvingsvoorwaarden voor het bekomen van een rijbewijs.

De kandidaat moet het voorlopig rijbewijs aanvragen binnen de drie jaar na het slagen voor het theoretisch examen. Na het verstrijken van deze termijn kan de kandidaat pas terug een voorlopig rijbewijs aanvragen na opnieuw het theoretisch examen met goed gevolg te hebben afgelegd.

De kandidaat die bijvoorbeeld op 12 april 2004 slaagde voor het theoretisch examen, moet ten laatste op 12 april 2007 zijn voorlopig rijbewijs aanvragen.

De datum van de aanvraag is de datum waarop het behoorlijk ingevuld aanvraagformulier aan de gemeente wordt voorgelegd.

Zie in bijlage 1 het model van aanvraagformulier.

B. Voorwaarden voor het gebruik van het voorlopig rijbewijs

De kandidaat moet de volgende specifieke voorwaarden in acht nemen :

De kandidaat moet vergezeld zijn van een begeleider die aan de volgende voorwaarden voldoet :

a) hij moet beantwoorden aan de in artikel 3, § 1 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs bedoelde voorwaarden om een rijbewijs te verkrijgen;

b) hij moet sedert ten minste 8 jaar houder zijn van, en tevens bij zich hebben, een Belgisch of Europees rijbewijs tenminste geldig voor voertuigen van categorie B;

c) hij mag niet vervallen zijn of mag gedurende de laatste drie jaar niet vervallen geweest zijn van het recht om een motorvoertuig te besturen en moet voldaan hebben aan de examens en onderzoeken die eventueel krachtens artikel 38 van de wet 16 maart 1968 betreffende de politie over het wegverkeer werden opgelegd.

De kandidaat mag niet rijden van 22 u. tot 6 u. 's anderendaags op vrijdag, zaterdag, zondag, de vooravond van de wettelijke feestdagen en de wettelijke feestdagen. Deze beperking geldt ook voor kandidaten die 24 jaar of ouder zijn.

De kandidaat mag, naast de begeleider, vergezeld zijn van één andere persoon.

De achterzijde van de wagen moet met een « L » uitgerust zijn.

In de wagen is een achteruitkijkspiegel voor de begeleider.

De parkeerrem moet gemakkelijk bereikbaar zijn voor de begeleider, tenzij het gaat om een voertuig dat speciaal is aangepast aan de handicap van de bestuurder of het een wagen met dubbele bediening is.

De begeleider wordt niet langer vermeld op het voorlopig rijbewijs. De kandidaat kan met meerdere begeleiders oefenen.

Met uitzondering van gebrevetteerde rij-instructeurs die houder zijn van brevet II mag niemand de houder van een voorlopig rijbewijs B tegen betaling begeleiden.

Het voorlopig rijbewijs geldt enkel voor voertuigen van categorie B.

Het voorlopig rijbewijs is enkel geldig op Belgisch grondgebied.

C. Geldigheidsduur

Het voorlopig rijbewijs met begeleider is 36 maanden geldig, te rekenen vanaf de afleveringsdatum vermeld op het voorlopig rijbewijs.

De datum van aflevering die op het voorlopig rijbewijs wordt vermeld, is de datum vanaf dewelke het voorlopig rijbewijs voor afhaling ter beschikking ligt op het gemeentehuis.

De gemeente bepaalt op het voorlopig rijbewijs de datum van zowel de aflevering ('afgeleverd op') als het verval (geldig tot').

Ligt het voorlopig rijbewijs bijvoorbeeld ter beschikking voor afhaling op 12 september 2006, dan vermeldt de gemeente op het voorlopig rijbewijs dat het document werd afgeleverd op 12 september 2006 en geldig is tot 11 september 2009.

Wanneer de geldigheidsduur verstreken is, moet de kandidaat terug slagen voor het theoretisch examen alvorens opnieuw een voorlopig rijbewijs aan te vragen. Dit betekent dat de kandidaat weer van voor af aan begint. Na het slagen voor het theoretisch examen moet hij dus ook opnieuw een stage van minimum drie maanden doorlopen alvorens het praktisch examen te kunnen afleggen.

De kandidaat kan deze regel niet ontwijken door nog tijdens de geldigheidsduur van het voorlopig rijbewijs met begeleider een nieuw voorlopig rijbewijs met begeleider aan te vragen. Het voorlopig rijbewijs is immers niet verlengbaar. De kandidaat moet ook in dat geval eerst opnieuw slagen voor het theoretisch examen alvorens een aanvraag tot een nieuw voorlopig rijbewijs met begeleider te kunnen indienen.

D. Verval

Wanneer de kandidaat veroordeeld wordt tot verval van het recht tot sturen, dan zal de gemeente de geldigheid van het voorlopig rijbewijs voortaan niet meer verlengen.

De kandidaat moet binnen de 5 dagen nadat het parket hem de straf heeft meegedeeld, het voorlopig rijbewijs afgeven op de griffie van de rechtbank waar het verval werd uitgesproken. Hij krijgt het voorlopig rijbewijs terug op het einde van de vervalperiode of, in voorkomende geval na het slagen voor de door de rechter opgelegde herstelexamens.

2.2. Het voorlopig rijbewijs zonder begeleider

A. Voorwaarden voor de uitreiking van het voorlopig rijbewijs

Na het slagen voor het theoretisch examen, kan de kandidaat een voorlopig rijbewijs zonder begeleider bekomen dat 18 maanden geldig is.

Om dit document te bekomen moet de kandidaat op het moment van de uitreiking minstens 18 jaar oud zijn, niet vervallen zijn in het recht tot sturen en voldoen aan de Belgische inschrijvingsvoorwaarden voor het bekomen van een rijbewijs. Hij moet bovendien 20 uur rijles gevolgd hebben bij een erkende rijschool.

De kandidaat moet het voorlopig rijbewijs aanvragen binnen de drie jaar na het slagen voor het theoretisch examen. Na het verstrijken van deze termijn kan de kandidaat pas terug een voorlopig rijbewijs aanvragen na eerst opnieuw het theoretisch examen met goed gevolg te hebben afgelegd.

De kandidaat die bv. op 12 april 2004 slaagde voor het theoretisch examen, moet ten laatste op 12 april 2007 zijn voorlopig rijbewijs aanvragen.

De datum van de aanvraag is de datum waarop het behoorlijk ingevuld aanvraagformulier samen met het bekwaamheidsattest aan de gemeente worden voorgelegd.

Zie in bijlage 1 het model van aanvraagformulier.

Het feit dat de kandidaat voorafgaand aan de uitreiking 20 uur rijles heeft gevolgd, wordt ten aanzien van het gemeentebestuur dat het voorlopig rijbewijs uitreikt bewezen aan de hand van een bekwaamheidsattest. De rijschool bezorgt het bekwaamheidsattest aan de kandidaat onmiddellijk na het volgen van het laatste uur van de opleiding, wanneer de directeur of diens aangestelde hem geschikt acht zonder begeleider te kunnen rijden op basis van een bekwaamheidstest die tijdens het laatste uur plaatsvond.

Zie in bijlage 2 het model van attest.

B. Voorwaarden voor het gebruik van het voorlopig rijbewijs

De kandidaat moet de volgende specifieke voorwaarden in acht nemen :

Het voorlopig rijbewijs laat de kandidaat toe om zonder begeleider te rijden.

De kandidaat mag niet rijden van 22 u. tot 6 u. 's anderendaags op vrijdag, zaterdag, zondag, de vooravond van de wettelijke feestdagen en de wettelijke feestdagen. Deze beperking geldt ook voor kandidaten die 24 jaar of ouder zijn.

De kandidaat mag vergezeld zijn van hoogstens één passagier die zelf houder is van het rijbewijs B en minstens 24 jaar oud is.

De achterzijde van de wagen moet met een « L » uitgerust zijn.

Met uitzondering van gebrevetteerde rij-instructeurs mag niemand de houder van een voorlopig rijbewijs B tegen betaling begeleiden.

Het voorlopig rijbewijs geldt enkel voor voertuigen van categorie B.

Het voorlopig rijbewijs is enkel geldig op Belgisch grondgebied.

C. Geldigheidsduur

Het voorlopig rijbewijs zonder begeleider is 18 maanden geldig, te rekenen vanaf de afleveringsdatum vermeld op het voorlopig rijbewijs.

De datum van aflevering die op het voorlopig rijbewijs wordt vermeld, is de datum vanaf dewelke het voorlopig rijbewijs voor afhaling ter beschikking ligt op het gemeentehuis.

De gemeente bepaalt op het voorlopig rijbewijs de datum van zowel de aflevering ('afgeleverd op') als het verval ('geldig tot').

Ligt het voorlopig rijbewijs bv. ter beschikking voor afhaling op 12 september 2006, dan vermeldt de gemeente op het voorlopig rijbewijs dat het document werd afgeleverd op 12 september 2006 en geldig is tot 11 maart 2008.

Het voorlopig rijbewijs zonder begeleider is niet verlengbaar of hernieuwbaar. Het voorlopig rijbewijs zonder begeleider kan slechts één keer worden uitgereikt.

Na het verstrijken van de geldigheidsduur, kan de kandidaat enkel nog aanspraak maken op het voorlopig rijbewijs met begeleider, zoals bedoeld in punt 2.1. van deze omzendbrief.

De kandidaat moet op het moment van de aanvraag voor een voorlopig rijbewijs zonder begeleider sinds hoogstens drie jaar geslaagd zijn voor het theoretisch examen. Na het verstrijken van deze termijn kan de kandidaat pas terug een voorlopig rijbewijs aanvragen na opnieuw het theoretisch examen met goed gevolg te hebben afgelegd.

Dit betekent dat de kandidaat weer van voor af aan begint. Na het slagen voor het theoretisch examen moet hij dus ook opnieuw een stage van minimum drie maanden doorlopen alvorens het praktisch examen te kunnen afleggen.

Indien de kandidaat reeds houder is geweest van een voorlopig rijbewijs zonder begeleider dan leidt het opnieuw slagen voor het theoretisch examen er niet toe dat hij opnieuw een voorlopig rijbewijs zonder begeleider zou kunnen aanvragen.

D. Verval

Wanneer de kandidaat veroordeeld wordt tot verval van het recht tot sturen, dan wordt de geldigheid van het voorlopig rijbewijs voortaan niet meer verlengd.

De kandidaat moet het voorlopig rijbewijs binnen de 5 dagen na de kennisname van de straf afgeven op de griffie van de rechtbank waar het verval werd uitgesproken.

Wanneer het voorlopig rijbewijs op het moment van de teruggave vervallen is, kan de kandidaat enkel nog een nieuw voorlopig rijbewijs met begeleider aanvragen.

2.3. Overschakeling tussen de modellen.

Overschakelen tussen beide modellen kan.

Het nieuwe voorlopig rijbewijs moet worden aangevraagd binnen de drie jaar na het slagen voor het theoretisch examen.

Het model zonder begeleider kan slechts één keer worden uitgereikt en is 18 maanden geldig. Na het verstrijken van deze geldigheidsduur kan de kandidaat enkel nog een voorlopig rijbewijs met begeleider aanvragen, op voorwaarde dat hij op dat moment nog steeds sinds hoogstens drie jaar geslaagd is voor het theoretisch examen, zoniet moet hij eerst opnieuw slagen voor het theoretisch examen;

Rijdt de kandidaat eerst met het model met begeleider en vervolgens met het model zonder begeleider, dan kan hij bij het verstrijken van de geldigheidsduur van het model zonder begeleider opnieuw het model met begeleider aanvragen indien hij op dat moment nog steeds sinds hoogstens drie jaar geslaagd is voor het theoretisch examen.

Het praktisch examen mag slechts worden afgelegd wanneer de kandidaat sinds minstens drie maanden houder is van een voorlopig rijbewijs.

Bij de overschakeling van het ene naar het andere model wordt de stageperiode van voor de overschakeling eveneens in rekening gebracht. De gemeente duidt op het nieuw voorlopig rijbewijs de afleveringsdatum van het eerste voorlopig rijbewijs aan. De termijn van drie maanden wordt berekend aan de hand van de afleveringsdatum van het eerste voorlopig rijbewijs.

Wie bijvoorbeeld twee maanden rijdt met het model met begeleider en vervolgens omschakelt naar het model zonder begeleider, dient nog één maand met het model zonder begeleider te rijden alvorens het praktisch examen af te leggen.

Wanneer de kandidaat op het moment van de aanvraag tot omwisseling evenwel sinds meer dan drie jaar geslaagd is voor het theoretisch examen, dan dient hij eerst opnieuw te slagen voor het theoretisch examen. Het opnieuw moeten slagen voor het theoretisch examen betekent dat de kandidaat weer van voor af aan begint. De afleveringsdatum van het eerste voorlopig rijbewijs heeft dan ook betrekking op het eerste voorlopig rijbewijs dat wordt uitgereikt na het opnieuw slagen voor het theoretisch examen. De kandidaat moet in dat geval opnieuw een stage van minstens drie maanden doorlopen alvorens het praktisch examen te kunnen afleggen.

3. Rijopleiding via de rijschool

3.1. De 6 uren basisopleiding

Elke rijschool dient in een aanbod van 6 uur rijopleiding te voorzien. Rijscholen die hierin niet voorzien kunnen geschorst worden of hun erkenning verliezen.

Het aanbod van 6 uur rijonderricht wordt als erkenningsvoorwaarden opgenomen in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen. Deze erkenningsvoorwaarde wordt op 1 september 2006 van kracht, en geldt onmiddellijk voor alle rijscholen, ook voor diegenen die ten laatste tegen 1 december 2007 hun aanvraag tot hernieuwing moeten indienen.

De 6 uren rijopleiding moet voldoen aan de omzendbrief van 20 juli 2006 met richtlijnen inzake het praktisch onderricht voor voertuigen van categorie B.

Onmiddellijk na het volgen van het laatste uur van de opleiding bezorgt de rijschool aan de kandidaat een attest als bewijs van de gevolgde lesuren.

Zie in bijlage 3 het model van attest.

3.2. De 20 uren rijopleiding

De kandidaat die een voorlopig rijbewijs zonder begeleider wenst, moet voorafgaand 20 uur rijopleiding gevolgd hebben in een erkende rijschool.

Het feit dat de kandidaat voorafgaand aan de uitreiking 20 uur rijles heeft gevolgd, wordt ten aanzien van het gemeentebestuur dat het voorlopig rijbewijs uitreikt bewezen aan de hand van een bekwaamheidsattest. De rijschool bezorgt het bekwaamheidsattest aan de kandidaat onmiddellijk na het volgen van het laatste uur van de opleiding, wanneer de directeur of diens aangestelde hem geschikt acht zonder begeleider te kunnen rijden op basis van een bekwaamheidstest die tijdens het laatste uur plaatsvond.

Zie bijlage 2 het model van attest (confer supra).

4. Praktisch examen

4.1. Voorwaarden

Om het praktisch examen te mogen afleggen moet de kandidaat minstens drie maanden houder zijn van het voorlopig rijbewijs.

Hij moet minstens 18 jaar oud zijn.

Hij moet op het moment van het examen houder zijn van een nog geldig voorlopig rijbewijs. Het attest van aflevering van een voorlopig rijbewijs, datie toegang gaf tot het praktisch examen voor kandidaten wiens voorlopig rijbewijs verlopen was, wordt voortaan niet meer uitgereikt.

De kandidaat legt het examen af :

  • ofwel met een eigen wagen die voldoet aan de bepalingen van artikel 6, 2° en artikel 38, § 3 van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 betreffende het rijbewijs. Dit betekent ondermeer dat in geval van een voorlopig rijbewijs met begeleider, de wagen uitgerust is met een achteruitkijkspiegel voor de begeleider.
  • ofwel met een een rijschoolwagen die voldoet aan de bepalingen van het koninklijk besluit van 11 mei 2005 betreffende de voorwaarden voor de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen.

Vanaf 1 september 2006 volstaat het dat het voertuig minstens drie plaatsen heeft. Het is niet langer vereist dat het voertuig zowel voor- als achteraan zitplaatsen heeft.

De houder van een voorlopig rijbewijs met begeleider moet tijdens het examen, naast de examinator, eveneens vergezeld zijn van een begeleider.

De houder van een voorlopig rijbewijs zonder begeleider moet tijdens het examen, naast de examinator, eveneens vergezeld zijn van een passagier die houder is van een rijbewijs B en minstens 24 jaar oud is.

Wanneer de kandidaat zich aanbiedt met een instructeur van een rijschool dan legt hij het examen af met een scholingsvoertuig van de rijschool dat voldoet aan de voorwaarden bepaald in het koninklijk besluit van 11 mei 2004 betreffende de voorwaarden voor de erkenning van scholen voor het besturen van motorvoertuigen.

4.2. Inhoud

Tot 1 december 2006 blijft de inhoud van het examen ongewijzigd.

Op 1 december 2006 zullen de manoeuvers op het privéterrein worden geïntegreerd in het examen op de openbare weg.

De volgende manoeuvers zullen op de openbare weg worden uitgevoerd :

1. Voorafgaande controles.

a) Verstellen van de zitplaats van de bestuurder voor een juiste zithouding;

b) Afstellen van de achteruitkijkspiegels, veiligheidsgordel en hoofdsteun;

c) Nakijken of de portieren goed gesloten zijn;

d) Banden, remmen, stuurinrichting, vloestoffen, lichten, verluchting richtingaanwijzers en geluidstoestel worden steekproefsgewijs gecontroleerd;

e) De nodige voorzorgsmaatregelen nemen bij het verlaten van het voertuig.

2. Keren in een smalle straat;

3. Parkeren achter een voertuig.

In rechte lijn achteruit rijden behoort niet meer tot het praktisch examen.

Deze nieuwe bepalingen met betrekking tot het praktisch rijexamen voor categorie B zullen vanaf 1 december 2006 van toepassing zijn voor alle kandidaten, met inbegrip van de kandidaten die zich reeds voor deze datum hadden ingeschreven.

4.3. Een bijkomende opleiding van 6 uur

De kandidaat die twee maal na elkaar niet slaagt voor het praktisch examen moet zes uren praktisch rijonderricht volgen bij een erkende rijschool vooraleer hij terug toegelaten wordt tot het praktisch examen. De voor het laatste praktisch examen gevolgde uren rijopleiding worden niet in aanmerking genomen.

Na het volgen van de zes uur rijonderricht, wordt de kandidaat terug toegelaten op het praktisch examen en dit onder dezelfde voorwaarden zoals bepaald onder punt 4.1.

Onmiddellijk na het volgen van het laatste uur van het onderricht vult de directeur of diens aangestelde het desbetreffende vak in het voorlopig rijbewijs in als bewijs dat de 6 uren werden gevolgd.

5. Overgangsmaatregelen

De voorlopige rijbewijzen M1,M2,M3 en de leervergunningen uitgereikt vóór 1 september blijven geldig tot de op het document vermelde uiterste geldigheidsdatum.

Deze modellen en de leervergunning worden vanaf 1 september 2006 enkel nog uitgereikt in het kader van een duplicaataanvraag of aanvraag tot vervanging wegens wijziging van de begeleider.

De bepalingen inzake geldigheid, verval en toegang tot het praktisch examen die van toepassing waren tot aan de datum van hun uitreiking blijven geldig voor deze documenten.

De houders van de voorlopige rijbewijzen en de leervergunningen uitgereikt vóór 1 september 2006 kunnen hun voorlopig rijbewijs of leervergunning inwisselen voor een voorlopig rijbewijs met begeleider. Kandidaten die 20 uur rijschool gevolgd hebben komen bovendien in aanmerking voor het voorlopig rijbewijs zonder begeleider. Hier geldt eveneens dat op het moment van de aanvraag de kandidaat sinds minder dan 3 jaar geslaagd is voor het theoretisch examen.

De reeds voor 1 september 2006 gevolgde uren praktisch rijonderricht in een rijschool worden eveneens in aanmerking genomen voor de berekening van de 20 uren, en dit gedurende een termijn van drie jaar te rekenen vanaf de datum waarop met de lessen werd begonnen.

Wie zich met een van de oude modellen op het examen presenteert moet voldoen aan de rechten en plichten zoals voorzien onder de oude regelgeving.

De bepalingen van het koninklijk besluit van 23 maart 1998 die van toepassing waren op deze documenten voor 1 september 2006, blijven ook na 1 september 2006 van toepassing.

Dit betekent ondermeer dat :

  • de kandidaat met de leervergunning of het rijbewijs model M1 of M3 vergezeld moet zijn van een begeleider die op het document staat vermeld;
  • de kandidaat niet mag rijden van 22 u. tot 6 u. 's anderendaags op vrijdag, zaterdag, zondag, de vooravond van de wettelijke feestdagen en de wettelijke feestdagen. Deze beperking geldt enkel voor kandidaten die jonger zijn dan 24 jaar.
  • de kandidaat slechts toegelaten wordt tot het praktisch examen wanneer hij sinds minder dan drie jaar geslaagd is voor het theoretisch examen;
  • de kandidaat met het voorlopig rijbewijs M1 of M3 na twee maal niet slagen voor het praktisch examen vier uur rijles moet volgen bij een erkende rijschool en het examen moet afleggen met een voertuig van de rijschool
  • de kandidaat met het voorlopig rijbewijs M2 het praktisch examen moet afleggen met een voertuig van de rijschool
  • de kandidaat met een leervergunning of voorlopig rijbewijs M1 of M2, twee uur rijles moet volgen bij een erkende rijschool na de datum van afgifte van zijn voorlopig rijbewijs of leervergunning;
  • het praktisch examen kan plaats vinden ten vroegste drie maanden (M2), zes maanden (M1), negen maanden (M3) of twaalf maanden (leervergunning) na de datum van afgifte van het document;
  • in geval van verval van het recht tot sturen, het document verlengd wordt met de duur van het verval.

Wanneer de kandidaat verandert van begeleider, of een duplicaat aanvraagt, dan zal hem ook na 1 september 2006 nog het oude model worden uitgereikt.

De kandidaat kan op elk moment het voorlopig rijbewijs overeenkomstig het nieuwe systeem bekomen op het gemeentehuis, ongeacht of hij op dat moment al examens heeft afgelegd onder het oude systeem. Vanaf het moment dat de kandidaat een voorlopig rijbewijs heeft in het nieuwe systeem volgt hij de regels van het nieuwe systeem. Wat betreft de minimale oefenperiode van drie maanden, wordt er geen rekening gehouden met de reeds gevolgde stageperiode onder het oude systeem. Voor wat betreft de verplichte bijkomende opleiding van zes uur rijschool na twee maal niet slagen voor het examen wordt enkel rekening gehouden met de examens die werden afgelegd na het bekomen van het voorlopig rijbewijs in het nieuwe systeem.

De kandidaat die niet slaagt tijdens de geldigheidsduur van de leervergunning of het voorlopig rijbewijs moet zijn verlopen leervergunning of voorlopig rijbewijs inleveren bij het gemeentehuis en een voorlopig rijbewijs aanvragen overeenkomstig het nieuwe systeem. Dit betekent dat de kandidaat eerst drie maanden moet oefenen met het nieuw voorlopig rijbewijs vooraleer hij zijn praktisch examen kan afleggen (confer supra).

Vanaf 1 september 2006 worden dan ook geen attesten van aflevering van een voorlopig rijbewijs zoals bedoeld in 4.1. van deze omzendbrief meer uitgereikt.

Reeds voor 1 september 2006 afgeleverde attesten van aflevering van een voorlopig rijbewijs zoals bedoeld in 4.1. van deze omzendbrief blijven geldig.

Brussel, 20 juli 2006.
De Minister van Mobiliteit
R. LANDUYT